Beschrijving van het risico

Warmtebalans
Het lichaam van de mens is voortdurend bezig de balans tussen warmtebelasting en warmteafgifte dusdanig in evenwicht te houden zodat de lichaamstemperatuur constant circa 37°C blijft.

De warmtebalans wordt bepaald door:

  • Warmteproductie in het lichaam (metabolisme);
  • Warmteafgifte (met een belangrijke rol voor kleding);
  • Omgevingsfactoren en
  • Persoonlijke factoren.

Indien in een productieomgeving door machines veel warmte geproduceerd wordt, is dat een omgevingsfactor die van groot belang is voor de warmtebalans.

Omgevingsfactoren
Bij hitte als omgevingsfactor moet niet alleen gedacht worden aan hoge temperaturen, maar ook aan de combinatie van hoge temperatuur met hoge luchtvochtigheid, veel straling en weinig wind. De mens moet onder deze omstandigheden de lichaamstemperatuur toch rond de 37°C kunnen handhaven.

Gevolgen
Bij extreme hitte, slecht waterdampdoorlatende kleding en zware inspanning kan de warmteafgifte (huiddoorbloeding en zweten) de warmteproductie niet bijhouden. In dat geval wordt een continue stijging van de lichaamstemperatuur waargenomen. Bij luchttemperaturen boven de 37 °C wordt inspanning steeds moeilijker.

Signalering van problemen
Een goede indicator voor de thermische belasting is de Wet Bulb Globe Temperatuur, een gewogen gemiddelde van omgevingstemperatuur, straling, wind en relatieve luchtvochtigheid, dit conform NEN-ISO 7243.

Fysieke prestatie
Als gevolg van werken in de hitte kan de fysieke prestatie afnemen. Een recent overzicht van de effecten van extreme temperaturen op de prestatie komt van Hancock et al. (2007). Het belangrijkste effect is dat het hart harder moet werken om warmte via het bloed van de lichaamskern af te voeren, waardoor minder capaciteit overblijft voor de inspanning bij de werktaak. Naarmate de lichaamstemperaturen hoger zijn, neemt de efficiëntie van de inspanning af. Tijdens een periode van rust direct na arbeid neemt het risico van flauwvallen toe.

Cognitieve prestatie
Warmte heeft ook effect op de cognitieve prestatie maar pas bij langdurige blootstelling (> 1 uur). Hancock et al. (2007) geven aan dat de effecten van extreme temperaturen op cognitieve prestatie geringer zijn dan op fysiek presteren. De effecten op het cognitieve functioneren van warmte zijn met name relevant voor bewakingstaken aangezien het concentratievermogen vermindert. Hoge omgevingstemperaturen verhogen ook de kans op ongevallen.

 

Gezondheidseffecten

Korte termijneffecten
Op de korte termijn zijn er 4 warmteziekten die kunnen optreden:

  • Warmte-uitslag;
  • Hittekrampen;
  • Hitte-uitputting;
  • Hitteberoerte;

De aandoeningen kunnen onafhankelijk en in combinatie voorkomen. Hieronder staan kort de belangrijkste verschijnselen en oorzaken genoemd.
Warmte-uitslag

De lichtste vorm van warmteziekte is warmte-uitslag. Door een langdurig natte huid ontstaat korrelvormige blaasjesuitslag die in verschillende mate van ernst kan optreden, vaak gepaard gaand met een brandend en jeukend gevoel. De oorzaak ligt in het verstopt raken van de afvoergangen van de zweetklieren.

Hittekrampen
Hittekrampen zijn pijnlijke krampen van met name de been- en buikspieren die bij inspanning betrokken zijn. Over de oorzaak bestaat onenigheid. Er wordt gesproken van een gevoeligheid voor hittekrampen als een gevoeligheid voor kramp bestaat, en er zijn sterke indicaties dat zoutgebrek de onderliggende oorzaak van hittekrampen is.

Hitte-uitputting
Wanneer het lichaam door inspanning vermoeid is en de lichaamstemperatuur fors is toegenomen, ontstaat hitte-uitputting. De bloedcirculatie krijgt problemen om de bloedvoorziening van spieren (arbeid), hersenen en huid (koeling) op peil te houden. Het stoppen van de inspanning zorgt met name voor snel onwel worden. Dit komt door het wegvallen van de beweging waardoor de bloeddruk snel inzakt. Tekenen van hitte-uitputting zijn:

  • Bleekheid;
  • Vochtig gezicht;
  • Duizeligheid;
  • Misselijkheid;
  • Hoofdpijn en
  • Onstabiele loop.

Belangrijk om op te merken is dat deze tekenen niet allemaal tegelijkertijd hoeven op te treden. De arboprofessional moet praktisch advies krijgen over hoe de diagnose hitte-uitputting kan worden gesteld. Het slachtoffer kan dan op de juiste manier worden behandeld.

Hitte-beroerte
Een hitteberoerte kan ontstaan uit een ernstiger wordende hitte-uitputting. De lichaamstemperatuur wordt extreem hoog (> 41ºC) en neurale beschadigingen treden op. Kortom, het temperatuurregelsysteem is ontregeld. Bij een lichaamstemperatuur van boven de 40ºC voelen personen zich niet altijd warm, maar soms juist koel door de verminderde huiddoorbloeding. Kippenvel, hoofdpijn, tintelingen in de armen en een ‘heet’ hoofd geven warmteproblemen aan.

Let op: een verminderde zweetsecretie is geen duidelijk kenmerk! Het is mogelijk dat de zweetsecretie afneemt maar dit hoeft niet. De mate van zweetsecretie is afhankelijk van de persoon en de hoeveelheid vocht dat aanwezig is in het lichaam van de persoon. Tekenen van een hitteberoerte zijn:

  • Tekenen van hitte-uitputting (misselijkheid, hoofdpijn, onstabiele loop)
  • Hoge lichaamstemperatuur (boven de 40ºC)
  • Afwijkend gedrag (slecht aanspreekbaar, verwardheid, angstigheid, agressiviteit, prikkelbaarheid, enz.)
  • Hete droge huid
  • Rode huid
  • Krampen en stuipen en
  • Verlies van het bewustzijn.
  • Lange termijn effecten

Blootstelling aan extreme hitte kan ook gevolgen hebben op de (middel-) lange termijn. Tot de beschreven effecten behoren:

  • Een laag geboortegewicht en congenitale afwijkingen na zwangerschap en
  • Maagkanker. Er wordt in de literatuur in zijn algemeenheid een afname gevonden van het aantal maagkankerpatiënten, maar bij de huidige maagcarcinomen profileren zich wel steeds meer beroepsgebonden factoren. De belangrijkste ongunstige factoren zijn hittebelasting en een stoffige werkomgeving.

Print dit artikel